Toen was het stil

Vertrouwen

Een mooi verhaal zou het worden, deze week, met als onderwerp: praten over zelfdoding met degene die dit overweegt. Controversieel misschien wel en een bovenal cerebraal onderwerp; soms ben ik overwegend aan het denken in plaats van aan het voelen, wat erg rustig is en zo nu en dan gewoon nodig.

Maar toen gebeurde er van alles. Eerst drie dagen lang in het ziekenhuis, met mijn moeder, die een akelige diagnose kreeg en daarvoor binnenkort onder het mes moet.

Eenmaal thuis moest ik het de kinderen vertellen: jullie oma is ernstig ziek. Had een déja-vu: nog maar zo kort geleden is het dat ik moest vertellen dat hun broer niet meer leefde. Ik zou willen dat ik hun tranen kon opvegen en wegbergen en dat er dan niks meer aan de hand is.

Een dag later ontmoette ik een muis.

Het was een raar verhaal. Ik was bij de fysiotherapeut en trok daar na het sporten mijn sokken en laarzen weer aan. Onder mijn ene hiel wiebelde iets, alsof er een gelzooltje zat, waarvan ik toch zeker wist dat ik die niet had.

Ik deed de laars uit en schudde hem ondersteboven uit. Er rolde iets uit, wat van dichtbij bekeken een muisje was dat op zijn rugje lag, de pootjes naast zich en licht stuiptrekkend.

Ik gilde. Niet zoals je dat in films hoort, een redelijk beschaafde gil, maar toch: ik blijk te kunnen gillen.

De fysiotherapeut kwam binnen hollen en ik riep: ‘Maak ‘m dood, hij leeft nog!’ Dit niet omdat ik vind dat muizen niet mogen leven, maar omdat deze dus al half dood was.

Ja, de fysio beloofde hem te zullen doodmaken. Dus ik deed mijn bebloede sok half aan mijn voet, laars er weer overheen en ik strompelde huiswaarts. Waar ik langdurig in bad ging zitten.

‘Het is mijn week niet,’ mopperde ik tegen de vriendin die ‘s avonds op bezoek kwam.

Ze zat met hondje Mitzi op schoot. Mitzi weet haar altijd te vinden, springt dan op schoot, probeert haar gezicht te likken, stoeit eens wat.

‘Wat is ze toch lief,’ zei ik. Ik ben zo blij met onze huisdieren, ze geven warmte en troost. En we hebben gewoon heel lieve dieren ook nog.

Vanmorgen werd ik wakker omdat ik Mitzi hoorde janken. Dat doet ze nooit, dus ik ging mijn bed uit en naar beneden om te kijken of ze misschien moest plassen.

Ze lag opgevouwen in haar mandje en ze jankte.

‘Kom maar,’ zei ik, en toen nog wat harder – want Mitzi is ontzettend doof:’ Kom Mitz, dan gaan we naar buiten.’

Ze jankte nog eens.

Ik trok haar naar me toe en merkte dat haar koppie naar één kant stond. Haar pootjes leken het niet goed te doen.

‘Vijf!’, schreeuwde ik naar boven,’ kom naar beneden, je moet op Mitzi passen, we moeten naar de dierenarts.’

Vijf ging bij de hond zitten, terwijl ik me klaarmaakte voor vertrek, onderwijl de dierenarts belde en Mitzi een dekentje gaf. Toen kleedde hij zich aan en gingen we op pad.

Bij iedere hots of hobbel in de weg kermde Mitzi, ze had zichtbaar pijn. De dierenarts constateerde ‘iets in het koppie’, geen pupilreflex en een zichtbaar lijdend hondje. Dus we hebben haar snel laten inslapen.

Vlak daarvoor belde ik mijn dochter: ‘Marie, we staan bij de dierenarts en we gaan Mitzi laten inslapen, want ze is erg ziek.’

Stomverbaasd was ze. En aangeslagen. Het tweede slechtnieuwsgesprek van deze week. En deze keer was ik niet in de buurt om haar een knuffel te geven.

Nu zijn Vijf en ik thuis. Zitten de mandjes van Mitzi in de wasmachine. Ik heb gestofzuigd en opgeruimd.

Het is heel leeg. Dat zo’n klein hondje zo’n grote leegte kan achterlaten.

Maar het is vooral weer iets om te incasseren. En ik ben het incasseren beu.

Toen ik maandag aan de kinderen vertelde dat hun oma ernstig ziek is, zei Vijf bitter: ‘Ja hoor, we waren weer een paar treden omhoog de trap op en nu storten we opnieuw omlaag.’ Vandaag lichtte hij het toe: ‘Er zaten weer wat maanden tussen, dus er moest nodig weer wat naars gebeuren.’

Wat een gruwel, een kind van bijna 15 dat het leven zo bitter beschouwt.

Maar hoe neem ik dit weg, voor zover ik überhaupt iets weg kan nemen? Hij heeft al een hoop narigheid meegemaakt in die bijna 15 jaar, met als kers op de slagroom de dood van zijn grote broer. Ja en oma’s en hondjes gaan nou eenmaal dood. Maar om het allemaal achter elkaar mee te maken, voelt als wreed. Net alsof je na een ongeluk waarbij je je been brak bijna bent hersteld, waarna je zomaar weer een ongeluk krijgt, waarbij je datzelfde been breekt. En nog een keer. En nog eens.

Misschien klink ik ook wel wrang. Maar het is moeilijk om de moed erin te houden, te vertrouwen op goeie tijden en vooral niet de goeie tijden die er zijn meteen af te doen met ‘nu zal er dus wel weer wat naars gebeuren’.

Ik was Bas dankbaar dat hij zijn leven beëindigde in de herfst. Ja, waar je iemand al niet dankbaar voor kunt zijn. Maar het was donker en koud, het werd nog donkerder en kouder en dat paste perfect bij mijn geestesgesteldheid.

Ook dit jaar was ik blij met najaar en winter, ik die altijd reikhalzend uitkeek naar zonnetjes en buiten zijn. Ik wil binnen zijn, met een dekentje. Alle verlokkende geluiden en geuren buitensluiten, het blije voorjaar negeren.

Vorig jaar lukte het me niet en ook nu merkte ik dat de eerste voorjaarsstralen een kleine jubel in mijn buik veroorzaken. Kijk, krokusjes in de voortuin. Warme zon op mijn wang. Vogeltjes die kwetteren dat het voorjaar is.

Ik wil donker en stil en requiemmuziek, maar ik zie de zon, ik hoor kinderen buiten spelen en de radio speelt vrolijk. Neem me maar mee dan, uit deze dikke drab van eindig leven en een groot bezeerd moederhart. Neem me maar mee en geef mij en vooral die puber vertrouwen dat het ook gewoon blij en licht kan zijn.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Bang
Bang

Het was moeilijk om toe te geven, want het is niet stoer, maar ik ben doodgewoon bang voor alles wat ons boven het hoofd hangt.

Positiviteitsdenken
Positiviteitsdenken

Keuzes maken en verantwoordelijkheid nemen maken je vrij, zegt men. Ik ben het daar niet mee eens.

Blogs

  • Pattiblog
  • Gastblog
mens boven aan hoge rots
Bang
zeilboot
Positiviteitsdenken
meisje en hond op kleed
Rouwmoe
fiets in de stad
Onderweg
man met luchtballon
De leegte
De groeten van Bas
Bang
Bang

Het was moeilijk om toe te geven, want het is niet stoer, maar ik ben doodgewoon bang voor alles wat ons boven het hoofd hangt.

Positiviteitsdenken
Positiviteitsdenken

Keuzes maken en verantwoordelijkheid nemen maken je vrij, zegt men. Ik ben het daar niet mee eens.

Blogs

  • Pattiblog
  • Gastblog
mens boven aan hoge rots
Bang
zeilboot
Positiviteitsdenken
meisje en hond op kleed
Rouwmoe
fiets in de stad
Onderweg
man met luchtballon
De leegte
De groeten van Bas